Gedurende eeuwen was “bewegen” fundamenteel om de mens te laten overleven in de
natuur. Bewegen werd dan ook alleen maar bekeken als een activiteit “om zich (snel) te
verplaatsen” – vaak in gevaarlijke situaties – of om “vaardigheden te ontwikkelen en te
gebruiken” om productief te zijn.
Bovendien werd eeuwenlang gedacht dat het lichaam en het hoofd – de hersenen – twee
verschillende entiteiten waren die los van elkaar functioneerden. Vandaag weten we dat
deze visie helemaal niet correct is en dat “bewegen” een sleutelfunctie heeft niet alleen om
ons lichaam gezond en fit te houden, maar ook om onze hersenen beter te laten werken.
Het is heel belangrijk om een onderscheid te maken tussen onbewust (geautomatiseerd) en
bewust bewegen. Onbewuste bewegingsprocessen zoals ademen, de hartslag, de
spijsvertering … worden autonoom gestuurd vanuit de hersenen. Om te leren lopen en
rennen, fietsen gaan we eerst door een bewuste fase van leren, maar na verloop van tijd
worden deze bewegingen ook automatisch.